M!

Marixtotle

Hulp bij het leren op het Marnix

▶ Kies een vak en onderwerp_

Hoofdletters maken niet uit en een enkele tikfout wordt meestal vergeven (maar wel gemeld) — ook een ontbrekend accent. Alleen bij Nederlandse werkwoordspelling telt elke letter. Gebruik de balk boven het invoerveld voor speciale tekens.

🏛️

Latijn

• Nederlands ↔ Latijn3 onderwerpen
🏛️Minerva – Woorden 2B (Midas en Pan)
Woordenschat en grammatica op basis van paragraaf 2B met voorbeeldzinnen.
15 oefeningen • Nederlands ↔ Latijn • 15 woorden
Nog niet geoefend
🏛️Minerva – Woorden 2A (Een geschenk voor Midas)
Woorden 2A Een geschenk voor Midas
45 oefeningen • Nederlands ↔ Latijn • 25 woorden
Nog niet geoefend
🏛️Caput – Nominativus en Accusativus
Oefenen met het onderwerp (nominativus) en lijdend voorwerp (accusativus) met woorden waarvan het Latijnse en Nederlandse geslacht overeenkomen.
8 oefeningen • Nederlands ↔ Latijn
Nog niet geoefend
🇫🇷

Frans

• Nederlands ↔ Frans8 onderwerpen
🇫🇷Français – Apprendre vocabulaire A : les vacances
Eerste woordenschat: vakantie, kennismaken en korte zinnetjes. Oefen woordenschat Nederlands ↔ Frans.
48 oefeningen • Nederlands ↔ Frans • 24 woorden
Nog niet geoefend
🇫🇷Français – Apprendre vocabulaire B : hôtel et famille
Woordenschat B: hotel en familie. Oefen woordenschat Nederlands ↔ Frans.
40 oefeningen • Nederlands ↔ Frans • 20 woorden
Nog niet geoefend
🇫🇷Français – Apprendre vocabulaire E : la plage
Woordenschat E: het strand (p. 53) en zinnen over jezelf voorstellen. Oefen woordenschat Nederlands ↔ Frans.
52 oefeningen • Nederlands ↔ Frans • 26 woorden
Nog niet geoefend
🇫🇷Français – Apprendre vocabulaire F : famille et maison
Woordenschat F: familie, huis en zinnen over broers en zussen. Oefen woordenschat Nederlands ↔ Frans.
48 oefeningen • Nederlands ↔ Frans • 24 woorden
Nog niet geoefend
🇫🇷Français – Apprendre vocabulaire C : se présenter
Woordenschat C: jezelf voorstellen. Oefen woordenschat Nederlands ↔ Frans.
16 oefeningen • Nederlands ↔ Frans • 8 woorden
Nog niet geoefend
🇫🇷Français – Apprendre vocabulaire G : parler de ta famille
Woordenschat G: praten over je familie. Oefen woordenschat Nederlands ↔ Frans.
20 oefeningen • Nederlands ↔ Frans • 10 woorden
Nog niet geoefend
🇫🇷Français – Les jours de la semaine
De dagen van de week. Oefen woordenschat Nederlands ↔ Frans.
14 oefeningen • Nederlands ↔ Frans • 7 woorden
Nog niet geoefend
🇫🇷Français – Les nombres (1–20)
De getallen 1 tot 20. Oefen woordenschat Nederlands ↔ Frans.
40 oefeningen • Nederlands ↔ Frans • 20 woorden
Nog niet geoefend
🇬🇧

Engels

• Nederlands ↔ Engels2 onderwerpen
🇬🇧English – Unit I
Woordenschat Unit I: landen, klaslokaal, instrumenten en activiteiten. Oefen Nederlands ↔ Engels met uitspraak (IPA).
57 oefeningen • Nederlands ↔ Engels • 57 woorden
Nog niet geoefend
🇬🇧English – Unit 1
Woordenschat Lesson 1: familie, karaktereigenschappen, uiterlijk en huishoudelijke taken. Oefen Nederlands ↔ Engels met uitspraak (IPA).
54 oefeningen • Nederlands ↔ Engels • 54 woorden
Nog niet geoefend
🇬🇷

Grieks

• Nederlands ↔ Grieks4 onderwerpen
🇬🇷Ελληνικά – Het alfabet: leer de Griekse letters
Leer alle 24 Griekse letters: van naam naar kleine letter (α), van kleine letter naar Latijnse letter (β → b) en de hoofdletters (Β). Tip: gebruik de Griekse balk om letters in te voegen.
73 oefeningen • Nederlands ↔ Grieks • 49 woorden
Nog niet geoefend
🇬🇷Ελληνικά – Transliteratie: van Grieks naar Latijns schrift
Lees Griekse woorden en schrijf ze in Latijnse letters (bijv. νερό → nero). De hint vertelt wat het betekent en hoe je het uitspreekt.
20 oefeningen • Nederlands ↔ Grieks • 20 woorden
Nog niet geoefend
🇬🇷Ἑλληνικά – Klassiek 1: ἐν ἀρχῇ (in het begin)
Klassieke woorden bij Herodotus: lidwoorden, ‘zijn’, natuur, mens, oorlog en vrede. Grieks → Nederlands typen, Nederlands → Grieks meerkeuze. Uitspraak staat in de hints.
52 oefeningen • Nederlands ↔ Grieks • 27 woorden
Nog niet geoefend
🇬🇷Ελληνικά – Beginner 1 : Γειά σου!
Basilat begroetingen, alledaagse woorden en het alfabet. Tip: gebruik de Griekse balk om letters in te voegen.
14 oefeningen • Nederlands ↔ Grieks • 9 woorden
Nog niet geoefend
🇳🇱

Nederlands

• Werkwoordspelling2 onderwerpen
🇳🇱Nederlands – Werkwoorden 1: persoonsvorm
Vul de persoonsvorm in op de …: nr. 1–26 in de tegenwoordige tijd, nr. 27–50 in de verleden tijd. Let op d/t, sterke werkwoorden en stamveranderingen. Elke letter telt: tikfoutjes worden hier fout gerekend.
50 oefeningen • Werkwoordspelling
Rondes van 10 • typen
🇳🇱Nederlands – Werkwoorden 2: deelwoorden
Noteer het voltooid of onvoltooid deelwoord op de … Soms hoort er een voltooid deelwoord (verbaasd, geschrokken), soms een onvoltooid deelwoord (lachend). Let op de spelling: elke letter telt, tikfoutjes worden fout gerekend.
50 oefeningen • Werkwoordspelling
Rondes van 10 • typen
🗺️

Aardrijkskunde

• Land ↔ Hoofdstad5 onderwerpen
🗺️Aardrijkskunde – Level 1: Amerika
10 landen: Canada t/m Argentinië.
10 oefeningen • Land ↔ Hoofdstad • 10 landen
Nog niet geoefend
🗺️Aardrijkskunde – Level 2: Afrika
18 landen: Marokko t/m Zuid-Afrika.
18 oefeningen • Land ↔ Hoofdstad • 18 landen
Nog niet geoefend
🗺️Aardrijkskunde – Level 3: Midden-Oosten & Centraal-Azië
12 landen: Turkije t/m Pakistan.
12 oefeningen • Land ↔ Hoofdstad • 12 landen
Nog niet geoefend
🗺️Aardrijkskunde – Level 4: Zuid/Oost-Azië & Oceanië
10 landen: India t/m Nieuw-Zeeland.
10 oefeningen • Land ↔ Hoofdstad • 10 landen
Nog niet geoefend
🗺️Aardrijkskunde – Level 5: Examen (alles)
Alle 50 landen door elkaar.
50 oefeningen • Land ↔ Hoofdstad • 50 landen
Nog niet geoefend